Rosaline gooide de deur open van kamer 313: open en wilde net roepen: "En daar is Tante Rosaline weer, kleine droppekoppies van me!!!," toen ze een drietal zusters druk zoekend en alles overhoop gooiend in diezelfde kamer aantrof, allen met een rood aangelopen hoofd van de inspannende zoektocht. Rosaline begon te vloeken en te schelden dat die slome dozen niet eens twee van die lieve kereltjes op hun kamer konden houden zonder dat ze ontsnapten (wij weten inmiddels wel beter, beste lezer(s)). Rosaline was nog niet begonnen met haar krachtige rede of ze hoorde "LUL" door de speakers schallen. Rosaline draaide zich om en barstte in tranen uit van blijdschap, die twee droppies waren in ieder geval nog ergens in het gebouw.
Het was CM.C ook niet ontgaan dat zijn kleine mannetjes zich ergens in het ziekenhuis ophielden en barstte van blijdschap in tranen uit, hhmm..., vreemd, de laatste tijd huilde hij wel erg veel, het zal de dope wel zijn die hem zo gevoelig maakte. CM.C moest nu in elk geval maken dat hij zo snel mogelijk naar de juiste telefooncentrale kwam om zijn kleintjes op te pikken om vervolgens te maken dat ze uit dit ziekenhuis wegkwamen. Terwijl CM.C over het plafond 'tijgerde' kon hij eigenlijk aan niets anders denken dan aan de tweeling en Rosaline, telepatie dames maar ook heren?, wie zal het zeggen.
Maria werd wakker en moest even bijkomen en tot zich door laten dringen wat er allemaal gebeurd was in de afgelopen dagen. Eindelijk had ze een 'echte vent' ontmoet die haar wel gelukkig kon maken en haar naar volle tevredenheid kon bevredigen, eindelijk had ze haar 'geluk' gevonden. Aan de andere kant maakte deze 'echte vent' van haar een persoon waarvan ze vroeger had gezworen tegenover 'onze vader' nooit zo te worden, een persoon waarvan zij had gedacht dat alleen goedkope bimbo's zo konden worden. Vroeger, ja vroeger... (zo'n tien dagen geleden ja) vervloekte zij in haar gebeden nog dit soort mensen, -heilig en onschendbaar als zij was-, maar nu was zij zelf zo'n persoon, en weten jullie wat... Maria vond het niks erg (jaaahja dope doet gekke dingen met de geest en het lichaam ) alhoewel. De tweestrijd die nu tussen de twee oortjes van Maria losgebarsten was maakte een vreemd gevoel bij haar los en ze begon zachtjes te snikken dat weldra uitbarstte in een niet te temmen huilbui, droevig en blij tegelijk. Het harde gesnik van Maria was Samp B niet ontgaan en hij sprintte als een wildeman naar boven om te kijken wat er gaande was. Al rennend de trap op lette Samp B niet zo goed op het ondergoed wat op de treden verspreid lag en viel met een mooie boog met het gezicht op een trede en gleed al vloekend naar beneden. Sh*t, dit deed pijn en terwijl hij de pijn probeerde te verzachten door hard te wrijven kon hij het niet laten een traantje weg te pinken.
U merkt wel lieve lezers & lezeressen dat dit een vrij natte aflevering van de soap is, en ja... geheel geïnspireerd door het verschrikkelijk mooie weer van de laatste periode en ik wil dit niet een heel eentonige aflevering maken maar ook ik moet nu even een traantje wegpinken... neemt u mij dit vooral niet kwalijk... (de grote vraag blijft indeze: "blijft fictie nu fictie, of wordt fictie nu non-fictie?" Wie zal het zeggen?, mijn persoontje in ieder geval niet).